Tussen de agaves, de cactussen, palmen, oleanders, mimosa’s, olijfbomen en véél straatafval zie ik een frisgeschilderd bordje blinken, midden op de stoep: “Boulevard du 14 janvier 2011”. Het staat in Sousse, de derde stad van de prille democratie Tunesië, bovendien de geboorteplek van Zine el Abidine Ben Ali, de afgezette president die tegenwoordig in Saoedië-Arabië z’n brique à l’oeuf eet. Op 14 januari nam hij de benen.
Zou hij intussen gestopt zijn met z’n haar zwart te verven, met dezelfde Schwarzkopf-rommel waar ook Moebarak, Berlusconi en Willy Claes zich van bedienen? Mijn excuses, Ben Ali ligt in coma na een beroerte. Mocht hij daaruit ontwaken, dan wil z’n vaderland hem berechten wegens moord en 17 andere misdaden.
“Boulevard du 14 janvier” dus. Pleinen en straten herbenoemen, breek me de bek niet open. Ik heb dozen vol oude stadsplannen uit Centraal-Europa en de Balkan, waaruit blijkt hoe vergankelijk revoluties, helden en ideologieën wel zijn. En zo is het goed.
Maar de Tunesiërs zijn natuurlijk trots op hun Jasmijnrevolutie. 3 maanden geleden, op die 14de januari, kregen ze Ben Ali op de knieën. In juli zijn er verkiezingen. Zolang krijgt het leger redelijk veel armslag, ik zie veel militairen.
Wind of change
Maar wat een heerlijk briesje, deze “wind of change” aan de Middellandse Zee. Even ontsnapt aan een land waar blijkbaar iemand weer eens grandioos een kans miste om te zwijgen, kom ik in contreien waar voor het eerst in vele jaren weer gesproken mag worden! En dat zal ik, als argeloze toerist, geweten hebben.
Najib, de minzame man die me een Romeinse arena, een 8ste eeuwse moskee en een mausoleum voor een vriend van de profeet laat zien, moest jarenlang z’n mond houden als “guide officiel”. Nu komt de kritiek er ongevraagd en in één gulp uit, over de corruptie, de dictatuur, de almacht van de politie, de graaizucht van Ben Ali en de familie van z’n vrouw, de Trabelsi’s.
Democratie
Na drie maanden zijn de Tunesiërs verre van uitgepraat. “Democratie”, het woord ritselt en gonst en zingt rond in alle gezelschappen. Ik lees het in “La Presse de Tunisie”, ik zie het in tekstballonnetjes opstijgen boven de terrasjes. Op TV kruisen intellectuelen verbaal de degens, avond aan avond. Uitstekend opgeleide mannen en vrouwen, jarenlang monddood gemaakt. Ze zijn trots dat ze de Arabische lente hebben ingeluid. Maar dit is nog maar het begin. En ze kijken bang naar de buren in Libië.
Vrachtwagens vol levensmiddelen zie ik naar de grens rijden, de lifeline voor Libië uit het westen. In omgekeerde richting komen nog elke dag vluchtelingen uit Libië, eerst de gastarbeiders, nu volledige families.
Jongeren
Ik raak aan de praat met Mimi, een vrolijke jonge vrouw met hagelwitte tanden en een roze pet. Ze komt uit Sidi Bouzid, de stad waar Mohammed Bouazizi zichzelf in brand stak en meteen ook de lont van het hele Midden-Oostelijke kruitvat. Bouazizi had een diploma, maar moest aan de kost komen door groente en fruit te venten. De politie joeg hem van de stoep, en toen pleegde hij z’n wanhoopsdaad. Zijn kraampje is intussen veel geld waard op e-Bay, vertelt Mimi schamper. Ze herinnert zich de bange januaridagen. Haar vader haalde een jachtgeweer boven en bewaakte het huis, terwijl zij binnen op haar nagels beet.
Toerisme
Ik vind al dat gemiereneuk over verkiezingsregels en partijen best, maar het gaat om iets veel fundamentelers: vele honderdduizenden Tunesiërs hebben jaren hun broek versleten op de schoolbanken, om met dat diploma nérgens aan de bak te komen. Werk in eigen land, dat is alles wat ze willen. Opdat ze niet in een bootje moeten stappen richting Lampedusa. Mimi, talenwonder, werkt nu ver van huis, aan de Middellandse Zee. Maar ze heeft een loon.
Laten we dat toerisme vooral steunen. Met z’n allen naar Carthago! Schoon weer en goed-van-eten. U kan nog zoveel keer klikken op Facebook om de Arabische lente te steunen, er moet wel zaad in het bakje komen. Ik schat dat het toerisme zowat op een tiende draait van het normale peil. Aan lege hotellobby’s heeft Mimi niets.
Van buitenlandse zaken mag het, vooruit met de dromedaris! Niet zeuren over de prijs van een taxi in Tunis: gewoon betalen, er leven veel mensen van die pré van de chauffeur. Laat u een keffiyeh aansmeren, rook een waterpijp, laat de dinars rollen. Tot nut van ’t algemeen. Insh’allah.
@Allen: reageren op dezebijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus – mod






18/04/2011 om 12:26
Ze moeten niet in een bootje richting Lampedusa stappen. Ze zouden bvb ook naar de meer welvarende Arabische landen kunnen trekken om daar te gaan werken. Daar hebben ze echt niet alleen ongeschoolde Pakistani nodig. Economische vluchtelingen zijn geen willoze slachtoffers van het noodlot, ze maken echt wel keuzes.
19/04/2011 om 12:30
Mooie blog, maar op zijn minst naïef en op zijn zachtst tendentieus. Vooral het verhaal van Bouazizi en de manier waarop het hier wordt gepresenteerd, getuigt van journalistieke gemakzucht. Ik begrijp wel dat “de mensen” graag mooie verhaaltjes krijgen voorgeschoteld, maar er zijn grenzen. Uiteraard is de dood van Bouazizi dramatisch en significant, maar stellen dat dit de figuurlijke lont in het kruitvat is geweest, is werkelijk nergens op gebaseerd. Het ten onrechte interpreteren van de opoffering en dissidentie van deze Tunesische fruitverkoper als katalysator van de monumentale vraag naar verandering in de regio, is dan ook een zoveelste voorbeeld van desinformatie, iets waaraan de VRT zich wel meermaals schuldig maakt.
In vaktermen heet zoiets “bedrieglijk postuleren”, temeer omdat er duidelijke bewijzen zijn die de toestand in de hele regio linken met actieve bemoeizucht van de Anglo-Amerikaanse coöperaties en orkestrerende denktanks zoals de beruchte International Crisis Group, de Council on Foreign Relations, maar ook de CIA, FBI, MI6, de Pakistaanse ISI en Maktab al-Khidamat. Zelfs het uitermate dubieuze clubje “Clinton Global Initiatief” heeft er een vinger in de pap. Er is met andere woorden geen sprake van échte volksrevoluties, maar van een weloverwogen strategie om de regio te destabiliseren.
De “organisaties” die dit “spel” hebben ingeleid, worden gecoördineerd door power-players en criminelen zoals Henry Kissinger, Zbigniew Brzezinski, George Soros, Kenneth Aldelman en Richard Armitage: groepen en spelers met een lange geschiedenis van het aanstoken van chaos en opstanden vanuit dystopische samenlevingen zoals Tunesië, Egypte en Libië. Kissinger verklaarde onlangs in een interview met Bloomberg News dat wat zich nu in het Midden-Oosten afspeelt slechts de eerste scène van het eerste bedrijf is van een intens drama dat nog moet worden gespeeld. Heinz (de echte voornaam van Kissinger) weet duidelijk van meer. Kristien nu ook. Hopelijk.