Weblog Kristien Bonneure

Het poëtisch offensief

23 / 01 / 2012

Zoek dekking, onverlaten die niet tegen verzen kunnen. Deze week kunt u er niet aan ontsnappen. De VSB-poëzieprijs, de Herman de Coninckprijs, en donderdag landelijke Gedichtendag. Als u naar de boekwinkel gaat voor een Jeroen Meuske, krijgt u een poster aangesmeerd met een gedicht erop. Jasses! Dichters op de radio! Sonnetten in de bus! U bent gewaarschuwd.

Poëzie verkoopt voor geen meter, klagen uitgevers, boekhandelaars en uiteraard poëten zelf. Behalve Europees president Van Rompuy, want zijn haiku’s gedragen zich wél als warme broodjes. Maar het blijft een” zijbeukje van de rest van de literatuur” zegt Joke Van Leeuwen, meter van Gedichtendag, vanmorgen in Metro.

En toch. Dezer dagen is de ‘exposure’, om een lelijk woord te gebruiken, enorm. Nationale Gedichtendag, wat kun je nog meer verlangen? Een betaalde feestdag, welja, waarom niet. En natuurlijk moet op de dàg een wèèk en een jààr volgen. Elke dag rijmfeest. Een tip: op www.gedichtendag.com vindt u alternatieven voor uw ‘out-of-office’-boodschap op kantoor.

De leven, het liefde, het dood

Hoe je het ook wendt of keert: poëzie is voor fijnproevers. Massaproductie en –consumptie is daarmee in tegenspraak. Waarmee ik niet bedoel: poëzie is elitair. Ja, als dichters over zichzelf en hun vak beginnen - en dat doen ze vaak, ouwehoeren over de “ars poëtica”- dan volg ik niet meer. Dat is me te veel Narcissus.

Maar je kunt toch niet ontkennen dat gedichten laven en spijzen, dat mensen er naar grijpen (en ze zelf schrijven) als ze snakken naar iets diepers en tragers dan De Laatste Show? Denk aan de Grote Momenten en de Grote Thema’s, De leven, Het liefde en Het dood. Daar horen gedichten bij als nootmuskaat in de aardappelpuree.

En wat mij betreft, het liefst geserveerd in bedrieglijk eenvoudige verzen. Die zich nooit meteen helemaal blootgeven, maar wel in verschillende staties. Verzen die ik dan druppelsgewijs door mijn thee roer. Leest er iemand een bundel ooit van a tot z uit? In één ruk? Ik nooit.

Huisvlijt?

Nog tot woensdag loopt er een poëziewedstrijd op Cobra,de cultuurwebsite van de VRT, met hetzelfde thema als de grote Gedichtendag: stroom. Honderden gedichten, jahaa, strómen binnen, in die mate dat de server het even begaf. Wie dit afdoet als een hoop huisvlijt, heeft het bij het verkeerde eind. Er zit slappe soep bij, maar ook veel origineels en fris. Trouwens, ook op deze nieuwssite, deredactie, kunt u gedichten kwijt, over de actualiteit. Ik verwacht op zijn minst een gedicht dat volledig uit smileys en andere emoticons bestaat.

Niet zeuren, het gaat helemaal niet slecht met de dichtkunst. En dan moet de nieuwe cd van Leonard Cohen (77 jaar!) nog uitkomen, de 31ste januari. Eén van de grootste dichters van deze tijd.

Who by fire? Who by water? Who in the sunshine? Who in the night time? Who by high ordeal? Who by common trial? Who in your merry, merry month of May? Who by very slow decay? And who shall I say is calling?

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

Goede voornemens

09 / 01 / 2012
Hup, de kerstboom buiten, de drie playmobilkoningen en hun kamelen weer in de doos. Eindelijk is de decemberinertie voorbij. Kwamen daarbovenop het verlammende zeikweer, waardoor een mens geen stap buiten zette, en vooral de dood van die kei van een collega Bruno Huygebaert, die mij en veel anderen erg diep heeft getroffen.

De somberte droop uit de jaaroverzichten, de analyses, de kerstessays in de krant. Je kon het niet oneens zijn met die langgerekte, morose klaagzang, maar het is zoals met kerstbûche: van teveel krijg je het zuur.

Sta op gij luie slapers

“’t Is tijd om op te staan” klinkt het al een tijd in radiospotjes voor Vacature. En op de eerste werkdag van het nieuwe jaar stond er een bijpassend gedicht in de krant, met als fris beginvers: “Aan al wie iets doet”. Ja, het is reclame en er zal wel een fors doorrekenende trendwatcher achter zitten, maar ik ben blij met dat appèl aan u en mij, aan elk van ons. Om het leven weer een beetje zelf in handen te nemen en iets te ondernemen.

Ik voeg daar aan toe: en niet te wachten op “hogerhand” en “bovenaf”. We zijn daar nochtans goed in, in het projecteren van onze eigen frustraties en ons eigen mosseldom op de incompetente manager, de overbetaalde consultant, de luie collega, de onmogelijke ex, de foute minister, en uiteindelijk altijd op Europa. Wel zo handig. Intussen blijven we zitten, verstijfd van de schrik om zelf iets te doen bougeren. Daarom vind ik dat Vacatureversje een aangename trap onder de kont.

Havel

Toen Vaclav Havel stierf, net voor kerst, heb ik nog eens een boekje met een aantal van zijn presidentiële speeches ter hand genomen. Het heet “De angst voor de vrijheid”. Als je de angst laat binnensluipen, ben je verloren, sprak hij. Er is in alle omstandigheden een klein plekje waar je jezelf kunt blijven. Moet blijven. Daar was Havel zelf het levende bewijs van. En hoe moeilijk dat was, bleek uit wat hij schreef over de manier waarop een totalitair regime de hersens en de woorden spoelt. Sluipend en subtiel, haast onmerkbaar, des te effectief.

Havel blikte ook in de toekomst. De angst voor het totalitarisme is vervangen door de angst voor “het gevaar van nationalistische conflicten via het gevaar van het verlies van sociale zekerheden tot het gevaar van een totale heerschappij van consumptie, commercie en geld”. Woorden van meer dan 20 jaar geleden, uitgesproken op de Salzburger Festspiele.

Stapje

Angst is een verlammende, slechte raadgever, die ervoor zorgt dat alles bij het oude blijft. En daar profiteren verdomme niet u en ik, maar precies die “hogerhand” en “bovenaf” van. Allicht is je speelruimte klein, maar manoevreren kan altijd. Er is nog nooit iemand beter geworden van zelfbeklag. En van wachten, wachten en nog eens wachten op betere tijden.

Aan goede voornemens genre “ deze doelstelling wil ik halen tegen die deadline” doe ik niet. Van zoveel verwachtingen krijgt een mens alleen maar meer het zuur, als het niet lukt. Maar wat er er mis mee om een keer een stap te zetten in een andere richting dan je gewend bent? Verander van job (kan ik iedereen aanbevelen), begin “voor uw eigen”, scheid nu eindelijk of ga samenwonen, schrijf een boek, spit uw tuin om en leg het groentenzaad klaar, koop zonnepanelen zonder subsidie. Opstaan! ’t Is al 2012.

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

Koning alcohol

12 / 12 / 2011
Hij zit achterop. We zwijgen al een poos. Ik ben hem eigenlijk zat en ik trap me echt wezenloos.

Koning alcohol is van de partij. Valt nooit uit zijn rol. Houdt de cijfers bij. Geeft geen commentaar. Maakt beloftes waar en mijn ogen oud.

En hij liegt dat hij barst. Ja, we lachen wat af, de koning en ik. We blijven vaak thuis. Samen in het keukenlicht.

Hij maakt het feest compleet. Hij is zo populair en zo geestig soms. Koning avondster.

Hij vangt mijn kogel op. Hij duwt mijn bootje af. We liggen in de zon.

Hij tilt me op zijn troon, ik was 17. Hij weet wie ik ben. Hij heeft alles gezien.

Hij is soms maanden weg. Stuurt een ansichtkaart. Met de groeten van. En hoe het nou gaat.

Spinvis

Voeg bij bovenstaande tekst een gezellig Hammond-orgeltje en je hebt een nieuw lied van Erik de Jong. Vintage Spinvis, bitterzoet, bedrieglijk eenvoudig, van fluweel en schuurpapier tegelijk. Spinvis schrijft prachtige verzen; hij werkte ook samen met Simon Vinkenoog, die mij van gene zijde nog altijd moed inspreekt.

Ik hou van de wereld van Spinvis, waar niets is wat het lijkt, en waar van alles en iedereen een hoekje af is. Met veel eenzaamheid en maar een likje troost. Duizend bommen en granaten, die Erik de Jong is zo goed als Boudewijn de Groot in zijn tijd. En hij zingt net zo’n mooi Nederlands.

Eindejaarsdrinken

“Koning alcohol” raakt me diep. ’t Is weer zover. Op kerstmarkten nippen mensen aan giftig gekleurde jenever, straks zuipen ze zich weer in coma tussen de vuurpijlen en in de supermarkt struikel je over de magnums champagne.

Waarom zie ik overal alcohol? Hangen er waar ik ook kom giga-affiches met reclame voor Bordeaux? Waarom mag dat wel, en sigarettenreclame niet? Waarom moet ik altijd lachen met die waarschuwing: “Ons vakmanschap drink je met verstand”? Drinkt er ooit iemand met verstand? Krijgen we binnenkort te lezen “vlees eten doe je met mate”?

Dronken de mensen vroeger minder dan nu? Ik denk aan mijn opa die een fles korten drank “goed voor zijn haar” noemde en water “alleen om je te wassen aan de buitenkant”. Ik lees in de krant dat Di Rupo nauwelijks drinkt, en al zeker geen dodelijke “FGTB-cocktails”: een derde campari, een derde fruitsap, een derde jenever.

Kogelvrij wegdromen

Waarom wordt er zoveel onzin en slecht gerijm verkocht over alcohol? Wat is dat, een wijn met een animale geur? En toch proef ik ze, de vele laagjes van de Westhoek in een West-Vleteren, de boomgaarden van de Balkan in een shot slivovica. Of is dat inbeelding?

Het is niet alleen lekker. Asperges zijn lekker, kweeperengelei ook. Alcohol doet iets. “Hij vangt mijn kogel op”. Een halve fles chardonnay als valhelm. “Hij duwt mijn bootje af”. De tweede helft om uit je kot te durven komen.

O ja, het vrolijk tipsy zijn, de woorden die vanzelf komen, het warme gevoel van sociaal drinken en de wereld verbeteren. Lekker vrijen, heerlijk inslapen… en een paar uur later weer genadeloos en glashard wakker schieten. De twijfel aan wat-was-echt-geluk-en-wat-kwam-uit-de-fles, doembeelden van de goot, de kots op straat, de ruzie in de keuken, de pijn en de kater.

Maakt meer kapot dan je lief is

Wat is het kantelmoment? Waarom valt de ene domino om en de andere niet? Waarom broer of vriendin wel en ik niet? En als je valt, is dat dan levenslang? Waarom is dat een groter taboe dan borstkanker? Omdat je het over jezelf afroept? Is het een kwestie van willen of kunnen?

Raar ook hoe we dat geestig vinden, zo’n kapitein Haddock die zich niets kan herinneren, die een lege brandstoftank beademt met zijn drankkegel, waarop het vliegtuig van Kuifje weer omhoog klimt. Waarom is drankzucht op het scherm van de cinema leuker dan aan de ingang van de metro, waar ook Haddocks rondhangen, baardmannen met slobbertruien en teveel promille in het bloed?

Wat is het verschil, ladderzat door Cara-pils of dankzij Glenlivet of Bollinger?

Vrijheid blijheid?

God beware ons voor de drooglegging. Ik ben geneigd om te zeggen: de enige grens is niemand anders schade toebrengen. En voor de rest is het aan mij (of aan u) om uit te maken waar het recht op roes en het recht op een helder hoofd elkaar kruisen.

Maar ik lees andere dingen in het verfrissende boek “De verovering van de vrijheid” van de jonge Vlaams-Poolse filosofe Alicja Gescinska. Zij pleit voor ingrijpen, als je ziet dat iemand te ver gaat. Vrijheid mag geen excuus zijn voor onverschilligheid. Een duw in de rug mag en moet van haar, want “echte vrijheid bestaat uit een systeem van dammen en dijken”. Daar moet ik even over nadenken. Waar staat die fles?

Kristien Bonneure werkt voor www.cobra.be, de cultuurwebsite van de VRT

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

Over de Negende van Beethoven, een Starbucksgeweten en The Sound of Music als walgelijkste film aller tijden

29 / 11 / 2011

De voorbije dagen was het misschien windstil in uw tuin, maar in de politiek ging het verbazend goed vooruit en in het land der filosofen, daar woedde een zuidwesterstorm. Om te gaan luisteren naar de Sloveen Slavoj Žižek waren alle kaartjes in een mum van tijd weg. Een volle Henri Leboeufzaal gisteravond in Bozar in Brussel.

Tweeduizend zielen zaten tot op het podium, terwijl er buiten tientallen sukkelaars ronddoolden zonder ticket. Veel jong volk, geen politici gezien. Bij het begin schreeuwde iemand “Revolution!” vanop het balkon, op het einde schoof een lange rups lezers aan voor een gehandtekend boek van Žižek. De file was langer dan die voor Jeroen Meus op de Boekenbeurs.

Rock ’n rollfilosoof

Žižek is een dikke Sloveen met slordig haar en een uitgelebberd t-shirt, een accent van hier tot Ljubljana, een sjpraakgebjrek, meer dan één tic nerveux… Ik zal niet zeggen my kinda guy, maar ik heb met dat soort mens toch meer affiniteit dan met zo’n gladjakker van Standard and Poor’s of Voka.

Vorige maand was Žižek bij Occupy Wall Street en gaf daar een speech ten beste die zin na zin door het publiek werd nagebauwd. Raar gezicht. De bezetters daar hebben geen micro’s en droegen de boodschap van Žižek met hun eigen stembanden wijd en zijd uit. Het klonk bepaald bezwerend.

Pas op voor Zeeziek

Die man was dus in Brussel, om over Europa te spreken. Maar: twee dagen voor het evenement werd ik in de Standaard gewaarschuwd. Volgens twee collega-denkers predikt Žižek geweld. Hij is een “rattenvanger van Hamelen”, een stand-upper, een ”intellectuele clown”, en, het allerergste verwijt: een “vermeende” filosoof. Zijn publiek bestaat dan weer uit “ intellectuele bourgeoisie die zich aan zijn voeten vleit”.

Het ingezonden stuk in de krant werd dit weekend druk becommentarieerd. Denkers denken tegenwoordig op het web, de agora van de 21ste eeuw. En zoals zo vaak op webfora rollebolde de ene zure reactie over de andere scheldtirade . Werkelijk, het internet brengt het beste in de mens naar boven. Eén denker maakte een grapje over de naam van de gevreesde spreker, hij noemde hem meneer Zeeziek. Hou me vast!

De avond van de lastige vragen

Hoedanook, ik ben zonder kotszakje en met open vizier naar Žižek gaan luisteren, wat volgens mij toch het enige is wat je kunt doen. Een denker komt zijn visie delen met een publiek, welaan dan, toon mij uw marchandise en daarna zal ik wel oordelen, later, veel later, of nooit. Waarom zou ik toch altijd alles meteen goed of slecht moeten vinden? Laat maar komen, die (lastige) vragen en bedenkingen.

En van die laatste kreeg ik à volonté. Žižek hekelde de afbraak van de democratie, het vervangen van politici door technocraten of experten, zoals in Italië of Griekenland. Vaak zijn het bankiers, mensen die ons in deze rampspoed hebben gebracht. “Democratie is okee als het er niet toe doet, en anders: f*** off!”.

De politiek wordt tegenwoordig ontdaan van ideologie, wordt uitgekleed tot alleen maar “goed bestuur”, maar is net dààrdoor natuurlijk ideologisch, want stelt de fundamenten niet meer in vraag. Bovendien is “democratie” iets anders dan alleen maar vrije verkiezingen. Juist, meneer Žižek, dat deed me aan de (tragi-)komedie in Congo denken.

Žižek haalde ook links over de hekel. Ze denken “als we maar genoeg over verandering praten, dan blijft alles gelukkig bij het oude”. Neem nu ons multiculturalisme. Dat is vals, want we zien de Ander als een “light”, een “cafeïnevrije” Ander . Op die manier zijn we beland bij een beleid van “redelijke” anti-immigratie-maatregelen. Iets zoals het “redelijke” antisemitisme van de jaren 30?

Is hij voorstander van geweld, zoals de collega-denkers in de krant beweerden? Niets over gehoord. Ja, de bezetting van het Tahrirplein, ten tweeden male, in Egypte noemde hij een daad van “structureel geweld”, het lamleggen van de gang van zaken in een samenleving. Dat is gerechtvaardigd “geweld”, en als het leger schiet mogen die bezetters zich ook fysiek verdedigen.

Over het linkse straatprotest tegen het ongebreidelde kapitalisme is Žižek kritisch. Hij overliep punt voor punt het manifest van de Indignados en kwam tot de conclusie dat “een fascist hier ook akkoord mee kan gaan”. Dat was natuurlijk provocatie. Maar het blijft een open vraag voor Žižek wat de betogers en bezetters vragen en aan wie. Ze formuleren eigenlijk al antwoorden op vragen die nog niet gesteld zijn, hun “nee” loopt voorop op een “ja”.

En geen antwoorden

Žižek heeft naar eigen zeggen zijn buik vol van massamanifestaties, waarover je later met vrienden kan mijmeren “dat je erbij was”. “The day after”, wat er daarna komt, dat is belangrijk. Maar wat is dat dan? Daar kreeg ik van Žižek niet veel antwoorden. Ik weet wel, hij is de oerfilosoof die over het plein kuiert als een Socrates en alleen maar vragen stelt, maar toch.

Kleine veranderingen kunnen z’n goedkeuring niet wegdragen. Het is futiel om na te denken welk vuilnisje in welke zak moet. Of om meer geld te betalen voor een biologische appel. Als we zo’n dure koffie drinken bij Starbucks, dan is “het afkopen van ons schuldgevoel in de prijs begrepen”, want er gaat toch een percentje naar een koffieboer in Guatemala?

Tja. Waar moet de verandering dan wél van komen? Van andere instellingen, oppert Žižek. Of door zeer preciese eisen te stellen, zoals Obama met z’n ziekteverzekering deed. Maar uiteindelijk blijft de Sloveen marxist tot in de kist, en moeten vooral het kapitalisme en de economische ongelijkheid het ontgelden. Overigens beleed hij wel openlijk zijn liefde voor Europa.

Lachen

Stof tot nadenken genoeg dus, na zo’n avondje filosoferen. Want ondanks zijn carrure als anti-held is Žižek een geweldige verbale, gesticulerende entertainer, die moppen vertelt, voorbeelden uit de literatuur aanhaalt, de Negende van Beethoven analyseert. Daarin zit namelijk een wending “alla turca”, wat hij dan weer gebruikt om de Europese afkeer van Turkije te duiden. En omdat hij een hekel heeft aan katholieke hypocrisie noemde hij The Sound of Music de “walgelijkste film aller tijden”, waar moeder-overste een non-in-spe terugstuurt naar haar toekomstige man.

Ik zit op een berg vragen, maar ik heb me goed geamuseerd met deze man. Wat een plezier ook om die hersens te zien knetteren en associëren en analyseren en citeren. En wat een plezier om daar met zo’n grote hoop mensen van te genieten. Zelfs op de trein naar huis zaten er nog groepjes jonge gasten te discussiëren over wat ze gehoord hadden. HOE het moet veranderen vertelt Žižek niet, maar DAT er iets grondig mis loopt, dat is wel duidelijk. Dat wist ik, dat voelde ik, toen ik in de gangen naar het centraal station weer eens een keer over de dakloze slaapzakken moest stappen.

Kristien Bonneure werkt voor www.cobra.be, de cultuurwebsite van de VRT

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

Joeplees poweezie

11 / 11 / 2011

Wat kan een mens zich toch vergissen. Nu dacht ik echt dat er bij mij om de hoek een ordinair winkelcentrum zou komen, een Wijnegem. Het duurde wel even voor ik de naam goed had: Up-Lace? Nee, U-Place, spreek uit Joe-plees.

Uplace te Machelen, aan de voet van het machtige viaduct van Vilvoorde, wordt tot mijn prettige verbazing een poëziecentrum. Leest u even mee op hun sjieke website. U moet er wel een mondje Engels voor kennen.

There is more you in U

I am not a headline. I am a storyteller. I listen to people. I bring their stories, hopes and realizations.

I am not a city. I am potential personified. A place where people and ambitions meet. I am more than meets the eye.

I am not real estate. I am a home away from home. Your place designed for life, work and play.

I am not a project. I am a true original. An infinite mix created by collective energies and personalities.

Poëzie, ik zei het u toch? Filosofie ook, met al die existentiële tegenstellingen: ik ben niet dit, maar dat, niet dun maar dik. Dieper in de website, waar weer Nederlands wordt gesproken vind je die tegenstrijdigheden ook terug.

Onze ervaring in projectontwikkeling heeft ons alle variabelen, procedures en regels geleerd waarmee we rekening moeten houden bij elk project. Daaruit distilleerden we één beproefde, gestandaardiseerde manier van werken die een maximale efficiëntie en flexibiliteit in het vinden van de beste oplossing verzekert.” Even verderop lees ik dan weer: ” Uplace gelooft niet in standaardoplossingen om specifieke problemen aan te pakken. Te veel projecten introduceren uniformiteit en doen steden op elkaar lijken.” Contradictie? Welnee, dialectiek.

Beleven

Ik ben aangenaam verrast te lezen dat ik daar niet zal moeten winkelen, kopen en geld uitgeven. Ik ga léven, beleven en “experience shoppen” in “ervaringswinkels”. Het gaat niet over commercie, het gaat over cultuur. En dat op een mysterieuze derde plek, een “third place”. Want naast thuis en werk is er… Uplace.

Misverstanden

“Onze doelstelling is inherent sociaal”, “voor ons gaat het om mensen, niet om bakstenen”, “Uplace is anders dan de doorsnee projectontwikkelaar”: dat stelt toch gerust? Dat de man aan de knoppen Bart Verhaeghe in een kasteel in Meise dan wel in taxfree Zwitserland woont, vanwaar hij ook een nieuw stadion voor Club Brugge regelt, en dat hij de onafhankelijke denktank Itinera betaalt, waardoor we elke dag Ivan Van de Cloot of Marc De Vos op de radio horen en in de krant lezen: et alors?

Dat er een race aan de gang is tussen aanstaande winkelcentra (Uplace in Machelen, NEO op de Heizel, Just Under The Sky aan de Van Praetbrug) en dat dat te maken heeft met de beurs en met de lucratieve markt van vastgoedcertificaten, dat zeggen alleen toch alleen PvdA’ers?

Dat het vrolijk strop zal lopen als 25.000 autootjes per dag van en naar Uplace (proberen te) rijden, dat de winkels in downtown Machelen, Vilvoorde, Mechelen, Leuven, Aalst zich schrap zetten voor donkere tijden, tja, daarop kun je toch alleen maar antwoorden dat je eieren moet breken als je een omelet wil bakken? Om de liberale politica Patricia Ceyssens aan te halen : “Sommigen menen blijkbaar dat we het ons kunnen veroorloven om economische activiteit te weigeren”.

Stadsbos

Nee, ik geef het ootmoedig toe. Ik heb me vergist. Ik was me al aan het warmlopen om tégen te betogen en te beginnen ijveren voor een stadsbos in plaats van een winkelcentrum op dat brownfield van Machelen. Dat arme dorp dat eigenlijk nu al niet meer is dan een brede berm tussen de E19 en de Woluwelaan, en waar ze elkaar in de lochting niet kunnen verstaan als er een vliegtuig over komt.

Alles komt goed. Uplace zal ruimschoots aan alle behoeften voldoen waarvan ik me op dit moment zelfs nog niet bewust ben. Om me zelf eens te wagen aan Joeplees Poweezie: I am not a fool. I know a brave new world when I see one.

Kristien Bonneure werkt voor www.cobra.be, de cultuurwebsite van de VRT

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod